Donderdag 9 april 2026
SlimmeKrant
Buitenland

Europese Commissie wil tien hardnekkigste barrières in de interne markt aanpakken

De Europese Commissie lanceerde in januari 2026 een nieuwe strategie voor de interne markt, gericht op het wegnemen van de zogenoemde "Terrible Ten": tien structurele barrières die het vrije verkeer van goederen en diensten in de EU al decennia belemmeren. De aanpak moet de EU-economie honderden miljarden euros per jaar extra opleveren. Voor Nederland als open exporteconomie staat er veel op het spel.

Europese Commissie wil tien hardnekkigste barrières in de interne markt aanpakken

De Europese interne markt bestaat al meer dan dertig jaar, maar functioneert lang niet optimaal. Op papier mogen goederen, diensten, kapitaal en mensen vrij bewegen binnen de 27 lidstaten van de EU. In de praktijk stuiten bedrijven en professionals op tientallen nationale regels, tegenstrijdige eisen en bureaucratische drempels die grensoverschrijdende handel en investeringen vertragen of zelfs onmogelijk maken. De Europese Commissie presenteerde op 30 januari 2026 een nieuwe interne-marktstrategie om hier verandering in te brengen, met als blikvanger de aanpak van de "Terrible Ten": de tien hardnekkigste barrières die bedrijven en burgers ondervinden.

Wat zijn de Terrible Ten?

De Commissie identificeerde tien structurele obstakels die het meest schadelijk zijn voor de werking van de interne markt. De lijst omvat een breed spectrum aan problemen: het gebrek aan eigenaarschap van de interne markt bij lidstaten, die nationale regels stellen die EU-wetgeving ondermijnen; ingewikkelde procedures voor bedrijfsoprichting en -exploitatie over de grens; gebrekkige erkenning van beroepskwalificaties, waardoor professionals niet soepel in een ander EU-land kunnen werken; trage normstelling die innovatie vertraagt; versnipperde verpakkings- en labelregels per land; verouderde productnormen; en beperkende nationale regels voor dienstverlening die grensoverschrijdende handel in diensten belemmeren.

Al deze barrières klinken technisch, maar hun economische impact is groot. Onderzoek van de Commissie schat dat het wegnemen van de voornaamste belemmeringen in de dienstensector alleen al de Europese economie met honderden miljarden euros per jaar kan vergroten. De interne markt vertegenwoordigt een consumentenmarkt van 450 miljoen mensen, maar wordt lang niet volledig benut omdat de "vijfde vrijheid" - het vrij verkeer van kennis en innovatie - in de praktijk te veel horten en stoten kent.

De strategie: ambitieus, maar uitvoering is de sleutel

De Commissie kondigt een reeks concrete wetgevingsinitiatieven aan. Een nieuwe Productenwet moet verouderde productregels vervangen door een eenduidig en flexibeler kader. Een Bouwdienstenwet en een Bezorgingswet moeten belemmeringen in die specifieke sectoren wegnemen. De Public Procurement Act moet aanbestedingsprocedures vereenvoudigen en versnellen. Samen zouden deze maatregelen de jaarlijkse administratieve lasten voor bedrijven met 15 miljard euro kunnen verlichten.

De Competitiveness Council, de Raad van ministers belast met de interne markt, heeft de strategie op 26 februari 2026 formeel goedgekeurd. Dat is een politiek belangrijk signaal: alle lidstaten staan achter de aanpak op papier. Maar goedkeuring door de Raad is niet hetzelfde als implementatie in nationale wetgeving. In het verleden zijn tal van Europese initiatieven gestrand op de discrepantie tussen ambities in Brussel en de politieke bereidheid in nationale hoofdsteden om bestaande beschermende regelingen op te geven.

Nederland: koploper en struikelaar tegelijk

Nederland behoort doorgaans tot de actieve pleitbezorgers van een sterkere interne markt. Als open economie met een dienstenexport van meer dan 200 miljard euro per jaar heeft ons land direct baat bij minder bureaucratie in andere EU-landen. Toch scoort ook Nederland niet foutloos op alle onderdelen van de Terrible Ten. De erkenning van buitenlandse beroepskwalificaties gaat ook hier traag; de Nederlandse bouwsector kampt met ingewikkelde aanbestedingsprocedures; en de logistieke sector, cruciaal voor Nederland als doorvoerland van Europa, lijdt onder uiteenlopende nationale regels per lidstaat.

VNO-NCW en MKB-Nederland begroetten de strategie positief maar plaatsten kanttekeningen. De kansen zijn groot, maar de ervaring leert dat het ontmantelen van nationale handelsbarrières moeilijk is zodra gevestigde belangen in het spel komen. Nationale beroepsgroepen, vakbonden en overheden die inkomsten halen uit bestaande vergunningsstelsels, verzetten zich doorgaans actief tegen liberalisering, ook als die per saldo gunstig is voor de bredere economie.

Concurrentievermogen als drijfveer

Achter de technische details schuilt een urgent politiek motief. Europa loopt achter op de Verenigde Staten en China op het gebied van productiviteitsgroei, innovatie en investeringen in strategische sectoren. Het Draghi-rapport van 2024 stelde dat de EU jaarlijks zo'n 800 miljard euro extra moet investeren om de concurrentiekloof te overbruggen. Een goed functionerende interne markt is daarvoor een basisvoorwaarde: zonder vrij verkeer van kapitaal, diensten en expertise kunnen Europese bedrijven niet de schaal bereiken die nodig is om te concurreren met Amerikaanse en Chinese reuzen.

De Terrible-Ten-strategie is daarmee meer dan een technisch vereenvoudigingsproject. Het is onderdeel van een bredere koerswijziging in Brussel, waarbij economisch concurrentievermogen en groei centraler staan dan in de vorige Commissieperiode het geval was. Of die ambitie ook leidt tot echte verandering op de werkvloer van Europese bedrijven, hangt af van de politieke moed om nationale veto's opzij te schuiven en de interne markt eindelijk naar zijn volledige potentieel te brengen.

Bronnen

Reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Laat een reactie achter

Reacties worden gemodereerd voor publicatie. Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.