Zondag 9 augustus 2026
SlimmeKrant
Binnenland

Oud-minister Paul hield besluit over inhouding op loon arbeidsmigranten stil tot na de verkiezingen

Toenmalig minister Marielle Paul van Sociale Zaken besloot in 2025 dat werkgevers een deel van het minimumloon van arbeidsmigranten mogen blijven inhouden voor huisvesting. Uit stukken die het ANP opvroeg blijkt dat zij de bekendmaking bewust uitstelde tot na de Tweede Kamerverkiezingen. In de Kamer noemde zij ambtelijke afstemming als reden voor het uitstel.

Oud-minister Paul hield besluit over inhouding op loon arbeidsmigranten stil tot na de verkiezingen

Een besluit dat wekenlang niet naar buiten mocht

Toenmalig minister Marielle Paul van Sociale Zaken heeft in 2025 bewust gewacht met het naar buiten brengen van een besluit over het loon van arbeidsmigranten, tot de Tweede Kamerverkiezingen achter de rug waren. Dat blijkt uit interne stukken die persbureau ANP heeft opgevraagd.

Het besluit zelf was op dat moment al genomen. Uit de documenten komt naar voren dat het ministerie het moment van bekendmaking liet afhangen van de verkiezingsdatum, en niet van de vraag of de inhoud al rond was.

Waar de inhoudingsregeling om draait

De regeling in kwestie staat werkgevers toe een deel van het minimumloon van een arbeidsmigrant in te houden voor huisvesting. Het gaat om maximaal een kwart van dat loon.

In de praktijk betekent dit dat werkgever en huisbaas vaak dezelfde partij zijn. Wie zijn baan verliest, raakt daarmee ook zijn woonruimte kwijt. Die koppeling maakt de afhankelijkheid tussen werknemer en werkgever groter dan bij een gewone arbeidsrelatie.

De afbouw die er niet kwam

Pauls voorganger Eddy van Hijum van NSC was begonnen met het afbouwen van de mogelijkheid. Het plan was dat die per 1 januari zou verdwijnen.

Paul draaide dat terug. Begin oktober kregen de sociale partners te horen dat de inhoudingsmogelijkheid gewoon zou blijven bestaan. Naar buiten toe bleef het stil, ook toen de campagne op gang kwam.

De e-mail die het beeld kantelt

Ruim een week voor de verkiezingen mailde een ambtenaar aan collega's dat de minister wilde wachten tot na de verkiezingen met communiceren dat de inhoudingsmogelijkheid niet per 1 januari wordt afgebouwd. Het besluit was op dat moment ongeveer vijf weken oud.

Daarmee legt de e-mail een reden vast die verder gaat dan een vertraging in de uitvoering. Er staat niet dat de brief nog niet af was, maar dat het moment van communiceren samenhing met de verkiezingen.

Wat de minister in de Kamer zei

In het Kamerdebat dat volgde, gaf Paul een andere verklaring. Volgens haar kon het besluit niet eerder naar buiten omdat er nog ambtelijke afstemming nodig was over de Kamerbrief.

Die uitleg valt slecht te rijmen met de interne correspondentie. Het verschil zit niet in een nuance maar in de aard van de reden. Administratieve traagheid is iets anders dan een afweging over het politiek gunstigste moment.

Twee kampen die er tegenovergesteld in staan

Vakbonden en linkse partijen verzetten zich al langer tegen de regeling. Zij noemen de inhouding een pervers verdienmodel voor werkgevers, omdat er geld te verdienen valt aan de huisvesting van de eigen werknemers.

Werkgevers reageerden juist tevreden op het uitblijven van de afbouw. Voor bedrijven die veel arbeidsmigranten in dienst hebben, raakt de regeling aan de manier waarop huisvesting nu geregeld en betaald wordt.

Een Kamermeerderheid die de andere kant op wil

Opvallend is dat de politieke verhoudingen op dit punt niet zijn veranderd door de verkiezingen. Zowel ervoor als erna bestond er een brede meerderheid in de Tweede Kamer voor het schrappen van de inhoudingsmogelijkheid.

Dat maakt de vraag wat het uitstel precies moest opleveren lastiger te beantwoorden. Het besluit ging in tegen wat de Kamer wilde, en door het uitstel konden kiezers daar pas kennis van nemen nadat zij hun stem hadden uitgebracht.

Waarom dit meer is dan een procedurekwestie

De kern van de zaak is niet de regeling zelf, maar het moment van openbaarmaking. Een kabinet mag omstreden besluiten nemen en de Kamer kan daar altijd op terugkomen. Het achterhouden van zo een besluit in de laatste weken voor een verkiezing raakt aan iets anders, namelijk de vraag of kiezers beschikken over informatie die op dat moment al klaarligt.

Wat de stukken niet laten zien, is hoe Paul zelf nu terugkijkt op de gang van zaken en welke conclusie het huidige kabinet eraan verbindt. Ook is niet duidelijk of de inhoudingsmogelijkheid alsnog wordt afgebouwd, en zo ja op welke termijn. Zolang die vragen open liggen, is de politieke afwikkeling van deze zaak belangrijker dan de vaststelling dat er iets is stilgehouden.

Bronnen

Reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Laat een reactie achter

Reacties worden gemodereerd voor publicatie. Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.